KLOOIEBALLEN…

Het opstarten van de visserij na mijn Noorwegen avontuur is eigenlijk niet anders als andere jaren, het is namelijk gewoon taai. Niet heel raar overigens met temperaturen waar je U tegen zegt natuurlijk. Ik heb af en toe gewoon geen idee wat ik nou eigenlijk moet gaan doen met zulke temperaturen. De watertemperatuur zit gewoon rond de 25 graden en dat is eigenlijk zelfs te warm voor het vissen op de rivier. Ik besluit dus maar om een beetje te gaan klooieballen op de meerval. Dobbertje, wormpie en maar kijken wat het op gaat leveren, maar vóórdat ik dat ga doen ga ik eerst nog even maffen. Dat Nederlands elftal heeft heel mijn ritme overhoop gegooid. Ik besluit eerst nog even te gaan tukken alvorens ik rond een uurtje of negen a half tien richting de waterkant trek en mijzelf comfortabel maak aan de waterkant. Nieuw stekkie, nieuwe kansen! Ik pas met mijn materiaal nét in het smalle doorgangetje en zit heerlijk verstopt, niemand die mij gaat vinden hier. Ja behalve de muggen dan, die hebben noooit moeite om mij te vinden. Ik ligt nog maar net met de dobbertjes in het water wanneer ik de eerste dobber onder getrokken zie worden. Zo, dat duurde niet lang. Een paar tellen later ligt een meervalletje tegen te sputteren in mijn net. Ja ik ben heel eerlijk, het is een visje van nét geen meter maar ik ben er blij mee. Je kan je avond een stuk slechte beginnen, laten we het daar maar op houden.

Na alle consternatie, het maken van een fotootje enzovoorts worden de haken weer be-aast en liggen de dobbertjes weer op de beoogde stek. Inmiddels heb ik mijn telefoon op radiostand gezet en ga ik volledig ontspannen op zoek naar de tweede beet van de avond. Nog vóór de schemering heb ik potverdikke ook nummer twee op de kant liggen. Het is wel een heeeel klein visje maargoed, ook deze telt natuurlijk gewoon. Gauw gaat het visje terug en hoop ik dat zijn of haar moeder even langs komt om gedag te zeggen. Wanneer het donkerder begint te worden en ik besluit mijn dobbertjes het nodige licht te gaan geven kom ik erachter dat ik de benodigde batterijen nergens kan vinden. Na tot driemaal toe de tas overhoop te hebben gehaald kom ik tot de conclusie dat ze waarschijnlijk nog ergens thuis liggen. Kak! Dat word dus turen tot het niet meer kan. De muggen zijn inmiddels overgegaan tot standje irritatie waardoor ik na iedere inademing hard uitblaas om die takkebeesten voor mijn gezicht weg te houden. Daar waar ik voor mijzelf besloten had om tot half twaalf door te vissen doe ik een heroverweging en besluit maar een kwartiertje eerder te stoppen. Ik zie mijn dobbertjes eigenlijk tóch al niet meer. Ach, twee meervalletjes op de kant in zo’n korte tijd, ik heb het wel eens slechter gehad. Op naar de volgende maar weer…