Even voorstellen

Mijn naam is Carl, verwoed hengelsporter, werkzaam bij Wout van Leeuwen Hengelsport met als specialisatie het roofvissen en misschien nog wat specifieker, het vissen op zeebaars. De laatste vijftien a twintig jaar ben ik bezig geweest met het vissen op zeebaars in het Europoort gebied, waarbij het begin van mijn zeebaars carrière zeker niet vlekkeloos verliep. Ik had in mijn eerste seizoenen ontzettend veel moeite met het vangen van die o zo graag gewilde zeebaars. Misschien omdat er in die tijd minder zeebaars zat dan nu, misschien ook wel omdat ik niet wist waar ik moest beginnen. Ik denk eigenlijk het tweede. 😉

In mijn eerste seizoen had ik beslist dat ik alle andere roofvisserijen aan de kant ging schuiven en gewoon een seizoen ging spenderen aan het leren vissen op zeebaars. Zo gezegd, zo gedaan. Op uitnodiging schoof ik aan bij een ervaren zeebaars visser en zodoende kon ik in mijn eerste weken op de pier van Hoek van Holland ook de eerste zeebaarzen landen. Het was gemakkelijker dan ik dacht, totdat… Ik kwam erachter dat het vissen op de Pier van Hoek van Holland niet mijn “cup of tea” was, ging mijn eigen weg en kwam er in de weken erna achter dat het vangen een zeebaars nog zéker geen zekerheid was. Vele teleurstellingen, frustraties, woede aanvallen en scheldpartijen verder ging het langzaam maar zeker een stukje beter en maakte ik vorderingen. De stijgende lijn was ingezet en zette door, niet meer denkende aan de moeite die het mij gekost had.

We schrijven het jaar 2005, naar schatting het tweede of derde zeebaars seizoen.
Vorderingen werden geboekt en de stijgende lijn was ingezet.


Inmiddels vele zeebaarzen en een flink wat ervaring rijker weet ik waar ik moet zijn, op welk moment en wat ik dan aan moet bieden. Dat is voor heel veel mensen niet het geval, en heel gemakkelijk om ervaring op te doen is het ook niet. De informatie die je kan vinden is na al die jaren nog steeds minimaal en vaak niet specifiek genoeg. Middels dit document wil ik proberen daar verandering in te brengen. Dit document is een handreiking naar het vangen van zeebaars. Ik bespreek het benodigde materiaal, kunstaas, getijde en eigenlijk alles wat je zou moeten weten. Het betekent niet dat dan al verzekerd bent van het vangen van zeebaars, maar je bent zéker een behoorlijke stap dichterbij.

Heb je nog vragen, of zou je graag wat materialen kopen om een poging te gaan wagen? Kom dan eens langs in de winkel. Ik help je dan graag bij het maken van de juiste keuzes, zodat ook jij snel met zo’n mooie zeebaars in de handen staat.

Uitleg over zeebaarsvissen tijdens de workshop zeebaarsvissen in de winkel.
Een van de vele mooie zeebaarzen die ik in de jaren voorbij heb zien komen.


HARDWARE ➡

Hengels, Molens en Lijnen.

Je wilt gaan zeebaarzen. Supertof, maar wat heb je nu eigenlijk nodig? Dat is heel afhankelijk van hoe en waar je wil gaan vissen. Laten we beginnen met de hengels. Zeebaars hengels variëren globaal in lengte van 2.70 mtr tot 3.60 mtr, en dan heb ik het over hengels de we gebruiken van de kant. Afhankelijk van waar en hoe je zou willen gaan vissen word bepaald welke hengel voor jou het beste is.

TWEE METER ZEVENTIG
2.70 Meter wordt vaak gebruikt wanneer je van plan bent te gaan vissen met oppervlakte aas, pluggen en lichte shad visserij, op stekken die relatief “schoon”zijn. De meest gebruikte werpgewichten in deze reeks zijn 15-40 gram en 20-50 gram. Het fijne aan deze lengte is dat je de bewegingen van je oppervlakte aas en pluggen geweldig goed kan controleren. Juist die controle is zeer belangrijk wanneer je bijvoorbeeld je oppervlakte aas de “walking the dog” actie wil geven of je twitchbait (plug) middels een gecontroleerde tik nog even wil laten flanken alvorens hij blijft hangen, dodelijk by the way. De molen die deze hengel completeert zou er eentje moeten zijn van de 4000 klasse, het liefst Shimano of Daiwa vanwege het uiterst belangrijke lijn opspoel mechanisme die deze twee merken beide geperfectioneerd hebbben.

Interessante hengels in deze klasse zijn:
– HTO Nebula Spinning
– HTO Orbital Spinning
– Cinnetic Crafty Seabass
– Cinnetic Rextail Seabass
– Penn Conflict Elite Spinning
– Illex The Artist Dark Elf

Illex Element Rider Shore Launcher
– Tenryu Rod Bar

– Westin W3 2ND Seabass

NEGEN VOET ZES OF DRIE METER
Oftewel 2.95 mtr of 3 meter. De laatste jaren zijn vooral deze hengels mateloos populair geworden. Het lichte gewicht, de gevoeligheid en de stevige power die in deze hengels zit maakt deze hengel lengte tot een zeer interessante keuze. Daarbij komt dan ook nog eens dat deze hengels best universeel te noemen zijn, want al zijn deze hengels erg goed te gebruiken voor het vissen met loodkopjes kunnen ze zeker ook gebruikt worden voor het vissen met twitchbaits en oppervlakte aas. Voor mij persoonlijk is dit al jarenlang vaste prik, deze hengels zijn mijn hengels en zijn de ideale hengel voor de liefhebber die graag sport beleeft aan zijn visserij. Het doorgaans lichte gewicht van deze hengels zorgt er ook voor dat je lange sessies kan houden zonder dat je er moe van wordt.

Interessante hengels in deze klasse zijn:
– HTO Nebula Spinning
– HTO Orbital Spinning
– HTO N70 Labrax Special
– Illex Nitro S Rockwalker
– Shimano Dialuna
– Shimano Lunamis
– Savage Gear SGS8, SGS5 en SGS2
– Spro Specter Finesse Spin en Specter Finesse Sea Spin
– Spro SP1
– Tenryu Ultimate One
– Tenryu Dragon Express
– Penn Conflict Elite Spinning

– Westin W3 2ND Seabass
Megabass Cookai

DRIE METER DERTIG OF DRIE METER ZESTIG
Deze hengels gooi ik maar even onder EEN noemer. Deze hengels pak je vooral wanneer het nodig is om verre afstanden te werpen en om controle te behouden over de grote vissen die aan de andere kant van de lijn er alles aan doen om los te komen. Er zijn locaties waar je gewoonweg niet anders kan dan met deze hengels te vissen. Het zijn de stekken waar de vis zich ver uit de kant ophoudt en niet zo een twee drie dichterbij zullen komen. Wanneer je afstanden moet gaan overbruggen van 70+ meter, dan zijn dit de hengels die je nodig hebt. Zwaarder dan de andere hengels die we benoemd hebben maar zeer functioneel wanneer je zwaarder kunstaas (licht kan natuurlijk ook) als pilkers, lepels en zware shads ver weg moet zien te krijgen. Lichtere shads kan natuurlijk ook, maar dat gaat vaak wel ten koste van het gevoel.

Interessante hengels in deze klasse zijn:
– Tenryu Shore Dragon
– Tenryu Red Arrow
– Tenryu Powermaster
– Cinnetic Explorer Seabass
– Cinnetic Raycast Seabass
– Cinnetic Rextail
– Cinnetic Explorer Black Purple

Megabass Cookai
– HTO N70 Labrax Special

Zeebaarshengels variëren globaal tussen 2.70 mtr en 3.60 mtr
De Shimano Lunamis hengels zijn toppers op gebied van zeebaarsvissen.


MOLENS
Molens zijn er in alle soorten en maten. Belangrijk bij het vissen op zeebaars is dat je in ieder geval niet te veel beknibbelt op de kwaliteit, want een beetje kwaliteit is aan te raden. Zoals ik al vermeld had is het belangrijk dat je je materialen op elkaar af stemt. Balans is het sleutelwoord! Zo zet je op je spinhengeltje ook geen zeemolen, toch? Mooi, dan zijn we het daar over eens.

Bij een hengel van 2.70 mtr is het aan te raden om voor een 3500 (Daiwa) of een 4000 (Shimano) model molen te gaan. Op deze manier is de balans in je materiaal over het algemeen redelijk goed tot optimaal. Dit geldt overigens ook nog wanneer je een hengel van 3 mtr zou kopen. Een klein verschil in dat geval zou zijn dat je ook nog voor een 5000 model zou kunnen gaan. Het verschil in formaat (zeker in de zoetwater modellen) tussen 4000 en 5000 modellen is behoorlijk klein. Dit in tegenstelling tot de zoutwater modellen, daar is het verschil tussen deze twee vaak wel fors. Is het dus een zoutwater model, dan zou ik bij een 3 meter hengel kiezen voor een 4000 model.

Bij de langere hengels is het slim om te gaan voor de wat grotere modellen. Een 5000 model molen is absoluut aan te raden, en het kan ook gewoon, want je zal merken dat de balans met een 4000 model molen gewoonweg niet klopt. Daarnaast is het natuurlijk ook nog eens zo dat je met zware visserijen meer vergt van je materialen. Een stevige hengel vraagt dus ook om een stevige molen, maar houd het wel binnen de perken.

Goede molens om te gebruiken zijn:
– Shimano Stella SW
– Shimano Twinpower SW
– Shimano Twinpower XD
– Shimano Excense
– Shimano Vanquish
– Shimano Vanford
– Shimano Stradic
– Shimano Ultegra
– Shimano Nasci

– Daiwa Exist
– Daiwa Certate
– Daiwa Ballistic EX LT
– Daiwa Ballistic
– Daiwa Caldia
– Daiwa BG MQ
– Daiwa BG
– Daiwa Freams
– Daiwa Legalis

De Daiwa Certate SW is een topklasse molen voor zoutwater visserij.
De Shimano Twinpower SW. Een absolute topper op zeebaars gebied.


LIJNEN EN VOORSLAGEN
Lijnen zijn er in overvloed, zowel in diameters als in kleuren. Bij het vissen op zeebaars is een gevlochten lijn zeker het meest aan te raden, vooral vanwege de hoge trekkracht bij een lage diameter. Het is wel zo dat een gevlochten lijn vaak wat kwetsbaarder is dan een nylon lijn vanwege het feit dat een gevlochten lijn uit meerdere vezeldraden gemaakt is. Tegenwoordig zijn de beste lijnen opgebouwd uit 13 in elkaar gevlochten draden. Nodig? Nee, vaak niet maar als je bij toeval een hengel koopt met een hoog carbongehalte (denk aan de top van de top) dan kan het wel verschil maken. Het zit zo. Hoe minder draden er in een gevlochten lijn zitten, hoe “ruwer” deze lijnen zijn, hoe meer geluid ze produceren en bij een “harde” hengel kan dat veel ruis/geluid veroorzaken. Het is dan het overwegen waard een lijn te pakken met meer draden. Denk dan aan 8-braid, 12-braid of zelfs het laatste in lijnen technologie, 13-braid (twaalf lijnen om een core lijn.

Over lijndiktes kunnen we kort zijn. Een minimum van 0.10mm a 0.12mm bij het vissen met shads en lichte hengels. 0.14mm tot 0.17mm bij de zware shadvisserij en lastige omstandigheden. Deze lijnen gebruiken we ook bij het vissen met de plug en oppervlakte aas.

Voorslagen worden altijd gebruikt bij het vissen op zeebaars. Met een diameter van 0.40mm tot 0.70mm of soms zelfs nog meer is het vooral belangrijk dat je de ideale probeert te vinden voor jouw visserij. Persoonlijk gebruik ik vaak lijnen rond de 0.50mm omdat je dan een redelijke slijtvastheid hebt en toch nog een mooie aanbieding van je aas creëert. Fluorcarbon of gewoon helder nylon genieten de voorkeur waarbij ik voornamelijk Fluorcarbon gebruik in de meest heldere wateren. Wanneer het water troebel is volstaat een “gewone” heldere nylon.

Nitlon DFC is een van de betere op dit moment verkrijgbare fluorcarbonlijnen.
De nieuwe Nautil lijnen van Berkley zijn gemaakt voor zoutwater visserijen.


Goede gevlochten lijnen om te gebruiken zijn:
– Spiderwire 8-Braid
– Spiderwire 12-Braid
– Berkley Sick Braid
– Berkley Nautil Braid
– Sufix x8 braid
– Sufix 131 braid
– Westin W10 Coastal 13-Braid
– Westin W6 8-Braid

– Berkley X9 Braid
– Daiwa Tournament Evo+ 8 Braid
– Bornrush Rubber Coated Braid

Goede voorslag lijnen om te gebruiken zijn:
– Berkley Big Game clear nylon
– Spro Salt Leader
– Momoi NEO Fluorcarbon
– Spro 100% Fluorcarbon
– Nitlon DFC Fluorcarbon
– Berkley Trilene Fluorcarbon
– P-Line Fluorcarbon



⬅ INTRO | KUNSTAAS ➡

Kunstaas! Diversiteit = Resultaat!

Kunstaas is er een veel soorten en maten. Zelfs zoveel dat je begrijpelijkerwijs door de bomen het bos niet meer zou kunnen zien. Toch valt het allemaal best mee. Er zijn een paar dingen waar je rekening mee moet houden en dan komt alles voor elkaar. Mocht je willen gaan proberen op om een zeebaars te vangen is het slim om verschillende soorten kunstaas mee te nemen. Vooral als je niet van te voren weet waar je terecht gaat komen is slim om divers in te pakken. Softbaits, pluggen en oppervlakte aas zijn de drie belangrijkste soorten waarmee je normaal gesproken een zeebaars mee zou moeten kunnen vangen. Maar zelfs dan is er ontzettend veel keuze. Om je een beetje op gang te helpen ga ik per soort een beetje dieper in wanneer en waarom je dit aas zou moeten pakken.

OPPERVLAKTE AAS & SUB SURFACE BAITS
Om maar met de deur in huis te vallen, de meest spectaculaire manier om je zeebaars te vangen is toch wel door te vissen met oppervlakte aas. Dit aas is dus speciaal gemaakt om kabaal te maken in het water oppervlak. Zoals de naam al zegt, oppervlakte aas blijft aan de oppervlakte en zakt dus niet naar beneden. Oppervlakte aas is ook niet voorzien van een lip zoals bij pluggen, maar vaak van een puntige voorkant (Pencil baits) of juist van een stompe kop (Poppers). De penciil baits hebben de inmiddels bekende “walking the dog” actie en slaan dus uit van links naar rechts wanneer je een tikkende beweging maakt tijdens het indraaien. De poppers hebben een meer “recht toe recht aan” actie waardoor wanneer je tikt of een wat langere slag maakt een ploppend geluid ontstaat wat diep in het water door dringt. Mocht je over willen gaan tot aanschaf van een popper of een pencil, koop dan wat goeds, want wat je vaak ziet is dat de “goedkopere” oppervlakte azen vaak veel lastiger werpen en vaak moeilijker tot de gewenste beweging te krijgen zijn. Liever EEN goede dan twee of drie slechte aasjes.

Wit (of een variant) is vaak een goede kleurkeuze voor oppervlakte aas.
De stompe kop van de Tackle House Feed Popper. De naam zegt verder genoeg.


Sub Surface Baits zijn vergelijkbaar met oppervlakte aas, maar met een zwaarder gewicht en langzaam zinkend. Er zijn wel eens van die momenten dat de zeebaars wel in de hogere waterlagen aan het azen is, maar dat ze onder het water oppervlak blijven hangen. In dat geval kan een sub surface bait een echte aanvulling zijn op je kunstaas pakken. Een zeer goed voorbeeld van dit aas was de Rapala Subwalk. Tot voorkort een zeer gewild aasje maar inmiddels zijn deze toppers uit het assortiment gehaald. Jammer maar helaas. Gelukkig zijn er wel merken die iets vergelijkbaars hebben, zoals de Illex Water Monitor 85 en de Molix Stickbait 120.

PENCILBAITS:
– Xorus Asturie
– Xorus Patchinko
– DUO Realis Pencil
– Illex Bonnie
– Illex Clyde Mudsucker
– Illex Chatterbeast

– Westin Spot On Topwalker
– Berkley J-Walker

– Rapala Skitter Walk

SUB SURFACE BAITS:
– Tackle House Contact Feed sinking
– Illex Water Monitor
– Molix Stickbait 120 Sinking
– Tackle House Cruise Real Flow

– Lurefans V9S

POPPERS:
– Spro E-Pop 80
– Xorus Patchinko
– Rapala Max Rap Walk&Roll
– Strike Pro Pike Pop

PLUGGEN:
Een Plug of Twitchbait kan extreem goed werken wanneer zeebaars in de actieve modus is. Het voordeel van deze aasjes is dat je verschillende waterdieptes goed uit kan vissen. Je vis als het ware tussen de toplaag een de bodem in. Manieren om dit aas te vissen zijn er legio. Je kan bijvoorbeeld denken aan een traag geviste aanbieding. Bijvoorbeeld het laten hangen van een suspending (zwevend) plugje op half water, maar evengoed het high speed binnen draaien van een plug kan heel erg goed werken. Zo heb ik zelf een meermaals ervaren dat je een plug ook te langzaam binnen kan draaien. En geloof mij, te snel binnen draaien van jouw plug bij het vissen op zeebaars kan eigenlijk niet. Zeebaarzen zijn namelijk ontzettend snel. Persoonlijk vind ik dat het vissen met pluggen het beste werkt wanneer het water helder is. Mijns inziens gaat zeebaars gemakkelijker op half water jagen wanneer het water helder is of in ieder geval een redelijk doorzicht heeft, zodat ze de aasvis goed kunnen spotten en vanaf onder hun prooi aan kunnen vallen. Omdat je met pluggen probeert om aasvis te imiteren heb ik de voorkeur voor natuurlijk gekleurd kunstaas., maar ook hier bevestigen de uitzonderingen de regel. Oranje is bijvoorbeeld ook een bewezen goede kleur.

De Duo Tide Minnow 90S heeft perfecte werp eigenschappen.
De Illex Arnaud 100 is sinds jaar en dag een topper op zeebaars gebied.

De meeste bruikbare pluggen variëren in lengte tussen de 8 cm en de 12 cm in lengte, maar durf zeker ook maar eens buiten deze lijntjes te kleuren. Als bijvoorbeeld in het voorjaar het speldaas binnen komt kan je zeker proberen om met heel klein kunstaas te vissen. Ook voor het plugvissen geldt, goedkoop is duurkoop. Het is nu eenmaal zo dat je aan de kust vaak te maken hebt met lastige omstandigheden en dus zal je ook kunstaas moeten hebben wat ook in de wind nog redelijke afstanden werpt. Wat je vaak ziet is dat de “goedkopere” merken het vaak laten liggen in de werp eigenschappen en de balans in het aasje zelf wat er voor zorgt dat ze onstabiel worden wanneer je ze snel wilt vissen.

PLUGGEN:
– Duo Tideminnow 90S
– Duo Tide Minnow Slim 120
– Duo Jerkbait 100SP
– Duo Jerkbait 120SP

– Duo Ryuki Spearhead 80SW
– Duo Rozante 77
– Megabass Live X Revenge
– Megabass Oneten


– Illex Arnaud 100
– Illex DD Arnaud 100
– Illex Squad Minnow 95
– Illex Rerange 110 SP
– Illex Rerange 110 MR

– Illex DD Squirrel 79
– Tacklehouse Feed SF 105
– Megabass Oneten Jr +1



– Rapala X-Rap 10cm
– Rapala X-Rap Magnum

– Rapala X-Rap Deep 10cm
– Berkley Dex Stunna
– Berkley Dex Stunna +1

– Molix Jointed Sandeel
– Spro McStick 110

– Megabass Oneten Jr.


SHADS:
Als het gaat om effectiviteit is een shad misschien wel het beste aasje wat je kan gebruiken. Zeebaars houdt zich vaak op in de nabijheid van de bodem. Het is dan ook lastig om met een plug (zelfs de dieper lopende modellen) de bodem te bereiken. De enige echte manier om de bodem te bereiken is dus om te vissen met shads. Het klinkt misschien wat denigrerend, maar zo is dat zeker niet bedoeld. Het vissen met shads is namelijk doeltreffend, spannend en levert verreweg de meeste vissen op. Het nadeel is wel dat je een shad wat gemakkelijker verliest vanwege het feit dat je dichtbij of op de bodem aanbiedt en dus ook met grote regelmaat vast komt te zitten. Tip: Zit je niet vast, dan vis je niet goed. Bij het vissen met shads moet je het risico nemen dat je af en toe eens vast komt te zitten. Wanneer dat gebeurt, kan je stellen dat je op de goede manier aan het aanbieden bent. Shad vissen doe je dichtbij de bodem met alle risico’s van dien.

De Illex Nitro Shad 90 werkt de laatste seizoenen naar behoren.
Overdag vissen we met lichte kleuren, in de avond of nacht met donkere kleuren.


Shads zijn verkrijgbaar verschillende maten. De meest gebruikte maten zijn 10 en 12 centimeter. Veel groter dan dat is eigenlijk niet aan te raden wanneer je vist vanaf de kant. Het is overigens niet dat groter niet zou werken, maar wanneer het getijde in werking treed is aas groter dan 12 centimeter gewoon minder gemakkelijk te controleren. Met shads van 10 a 12 centimeter behoud je de controle over het algemeen wel, en dat heeft als gevolg dat de kans op het vangen van een zeebaars weer vergroot word. In de hogere waterlagen kan je uiteraard ook vissen met shads. In dat geval mag je zeker proberen wat groter te vissen, al word dat in de regel niet vaak gedaan.

Zoals bij ieder aas kunnen kleur en actie erg bepalend zijn voor je vangsten. In het verleden had ik iets meer met kleur, maar tegenwoordig ben ik meer van het verschil in actie. Iedere shad heeft zo ongeveer zijn eigen actie. Dat word met name gecreëerd door de staart. De ene shad heeft een ronde staart, de andere een vierkante of driehoekige, en dat geeft onder water zo ongeveer allemaal een andere trilling af. De kunst is dus om te kijken welke “trilling” op de bewuste dag het beste werkt. Geloof mij, het kan een enorm verschil maken. Soms wil zeebaars subtiel aangeboden met een minimaal geluid, en de andere keer werkt het weer fantastisch om maximaal herrie te maken. Naast trillingen hebben we ook nog te maken met kleur. De ene gelooft erin, de ander niet. Ik ben zelf overtuigd dat kleur het verschil kan maken, zelfs een kleurtint. Om daar nu direct heel veel verder op in te gaan is misschien een beetje “too much”. Het voornaamste is dat je de goede geijkte kleuren op de goede momenten gebruikt. Een stelregel is: Hoe donkerder het word, hoe donkerder het aas. Dat wil dus zeggen dat je overdag licht gekleurde aasjes kan pakken en in de avond of nacht juist donkerder kleuren.

VEEL GEBRUIKTE SHADS:
– Bass Assassin Turbo Shad
– Lunker City Saltshaker
– Keitech Easy Shiner

– Sawamura One Up Shad
– Illex Nitro Shad
– Illex Nitro Slim Shad

– Fiiish Black Minnow
– GT Bio Roller Shad

– Cinnetic Crafty Candy
– JJ Minnow
– Savage Gear Savage Minnow
– Savage Gear Sandeel V2
– Illex Magic Slim Shad

KLEUREN OVERDAG:
– Parelmoer
– Salt & Pepper
– Groen tinten
– Licht Blauw
– Licht Rose | Lila
– Zilverkleur
– Khaki
– Wit
– Bruin

– Fluo Geel


KLEUREN AVOND & NACHT:
– Zwart Glitter
– Electric Blue
– Donker / Goud Glitter
– Roze
– Donker Paars
– Donker Blauw

– Licht Roze | Lila


LOODKOPPEN:
Als je besluit om voor een losse shad te gaan in plaats van een kant en klaar systemen (zoals bijvoorbeeld de Black Minnow) heb je uiteraard nog loodkoppen nodig. Mijn advies voor een beginner is: Vis in eerste instantie niet te licht. De meest gebruikte loodkoppen zijn 14 gram en 18 gram en dat zou ik ook zeker aanraden. Het aller belangrijkst is dat je de loodkop op de bodem voelt vallen en als dat met een lichter gewicht kan is mijn advies om dat ook te doen. Hoe lichter je vist, deste langer het “val” moment en hoe groter de kans is dat je een zeebaars strikt. Uiteindelijk zal de gewichts range verbreden naar 7 gram tot ongeveer 25 gram, afhankelijk van wat voor omstandigheden je tegen gaat komen. Wat betreft haakmaat kunnen we kort zijn. Zelf gebruik ik altijd loodkoppen met een haakmaat 3/0 bij 10 centimeter shads en haakmaat 4/0 bij 12 centimeter shads. Op dit moment heb ik de voorkeur voor de loodkoppen van BKK. Die haken zijn supersterk en superscherp. Een goede tweede zijn de HD loodkoppen van Spro. Daarnaast heb je een gigantisch aanbod aan loodkoppen die weer iets minder in sterkte zijn maar wel een stuk goedkoper.



⬅ HARDWARE | GETIJDE➡

GETIJDEN, BELANGRIJK OF TOCH NIET?
Een van de vragen die ik regelmatig krijg is: ‘Wanneer kan ik het beste gaan vissen? Met hoog of met laag water?’ Overigens geen slechte vraag, maar geen gemakkelijke om te beantwoorden. Feit is dat het getijde een zeer belangrijke factor is voor het vangen van zeebaars. Iemand die op de bonnefooi aan de waterkant gaat staan om zeebaars te vangen zal vaker niets vangen dan wèl wat vangen. Ongeacht of deze zilveren rakkertjes kieskeurig zijn of niet, het fatsoenlijk aanbieden van je aas is misschien wel het allerbelangrijkst waardoor je al genoodzaakt bent op bepaalde momenten te vissen.


WATERWEG
In mijn regio (Rotterdam/ Europoort) heb ik gelukkig een hoop mogelijkheden wat ervoor zorgt dat ik bovenstaande vraag eigenlijk beantwoord met:” Dat is vooral afhankelijk van waar je staat of waar je naartoe gaat.” Ik zal het verder verklaren. Als ik ga vissen op de Nieuwe Waterweg verkies ik ervoor om te vissen als het laagste punt van het lage water geweest is. Daarvóór stroomt het wat mij betreft te hard om op een fatsoenlijke manier mijn shadje aan te bieden. Ok ok, toegegeven, ik ben een ontzettende zeikerd als het gaat om aanbieding, maar voor mij werkt dit! Voor een ander is het misschien wel anders? Als het laag water geweest is hoef ik mij nergens meer om te bekommeren, al vis ik tot het hoge water aan toe. Normaal gesproken doe ik dat niet, want als je dat doet ben je zomaar een uurtje of zes onderweg. Ik probeer zelf liever een beetje te pinpointen.

Stel dat ik het opkomende getijde mee wil nemen, dan zorg ik dat ik een uurtje of twee vóór het hoogste punt aan de waterkant sta. Op deze manier neem ik de kentering van het getijde mee in mijn visserij en dat is nou net zo’n ‘bijtmomentje’ In de daarop volgende twee uurtjes zou je eigenlijk wel een zeebaars moeten kunnen vangen. Als het eenmaal hoogwater is kun je kiezen: A) Je gaat naar huis,  B) Je pakt het eerste afgaande water nog eventjes mee. Op dit moment heb je wederom een kentering in het getijde en heb je dus ook weer zo’n potentieel bijtmomentje. Persoonlijk laat ik het vaak afhangen van het verloop van de sessie. Was het slecht, dan wil ik dat moment nog wel eens meenemen, was het goed, dan ga ik lekker huiswaarts.

De stroming in een rivierdelta kan fors zijn. Het moment dat je wil gaan vissen kan dus cruciaal zijn voor je vangsten.

HET HAVENGEBIED
Naast de rivierendelta hebben we ook nog het geluk dat we het havengebied kunnen bevissen. Een typisch voorbeeld van ‘andere stek, andere regels!’ Kijk, het zit zo. Omdat zeebaars eigenlijk altijd wel minimaal een beetje stroming nodig heeft om actief te worden is het ook logisch dat de regeltjes precies het tegenovergestelde zijn van het vissen in rivierendelta’s, daar waar eigenlijk altijd stroming staat. De Nieuwe Waterweg is daar geen uitzondering op. Het bijtmoment ligt hier dus voornamelijk wanneer er stroming aanwezig is. Omdat de havens geen natuurlijke uitloop van water hebben is het dus mijns inziens het beste om van hoogwater naar laagwater te vissen, evenals het laatste gedeelte van het opkomende getijde. Op dit moment komt het water in beweging en word de zeebaars actief.

Het vissen in het havengebied is anders dan in de waterweg. Die rode lijn laat zien wanneer je het beste een kans kan wagen.

Persoonlijk zou ik van hoog naar laag vissen, omdat op dat moment veel randen die normaal onder water staan, vrij komen. Alles wat normaal gesproken schuil gaat tussen deze stenen randen moet een ander plekje gaan zoeken om zich te verschuilen. Wanneer zou jij naar de Mc Donalds gaan? Wanneer het ‘happy hour’ is of wanneer je net gezien hebt dat de euroknallers ineens een euro duurder zijn geworden! Cool, i rest my case! Haha… Het is denk ik wel duidelijk dat het belangrijk is dat je op een bepaald moment op een bepaalde stek moet staan. Houd je je een klein beetje aan de bovenstaande regeltjes, dan is het succes naar alle waarschijnlijkheid ook weer een beetje dichterbij gekomen. Dan is zeebaarsvissen nog steeds niet gemakkelijk, maar elke stap in de goede richting is er eentje.

Een duidelijk voorbeeld van afgaand getijde met vrijkomende randen. Het moment wanneer de zeebaars gaat jagen komt snel dichterbij.

* Komt het bovenstaande verhaal je bekend voor? Dat kan! Dit stukje over getijde heb ik eerder geschreven en is geplaatst op de website van Roofmeister.



⬅KUNSTAAS | STEKKEN➡

Waar zit de vis?

Dat is misschien wel de hamvraag, maar ook een vraag die niet gemakkelijk te beantwoorden is. Je kan natuurlijk wél kijken naar waar de vis zich ophoudt. Zeebaars houd van obstakels. Je kan dan denken aan steenstorten, strekdammen of eigenlijk alles waar een zeebaars in de luwte kan liggen en alles waar hij niet te ver hoeft te zwemmen om aan zijn prooi te komen.

Strekdammen.
Een strekdam is bijvoorbeeld zo’n geijkte stek. In de buurt van zo’n dam gebeurt namelijk altijd wat. Een strekdam is een walhalla voor kleine vis, krabbetjes, garnaaltjes en noem maar op om te schuilen tegen harde stroming, maar zeker ook om zich te verstoppen tegen rovers die het op je gemunt hebben. Het eerste waar je dus naar op zoek gaat als kwetsbaar onderdeel van de voedselketen zijn dus strekdammen. Wat je dus het beste kan doen als zeebaarsvisser is kijken of er bij jou in de omgeving strekdammen liggen. De kans dat je hier tegen een zeebaars aanwandelt is behoorlijk groot. Als je dan zo’n strekdam gevonden hebt is het volgende puntje op je agenda erachter te komen hoé je deze stek het beste kunt bevissen.

Vaak zijn dammen die boven water blijven moeilijker begaanbaar.
Een voorbeeld van een strekdam die alleen bij laag water tevoorschijn komt.



Het komt erop neer dat je drie verschillende soorten strekdammen tegen kan komen:

1. Een strekdam die ten allen tijden boven water ligt: Onmiskenbaar dus. Deze “zie” je liggen. Strekdammen die boven water liggen zijn in mijn optiek vaak dammen die lang ondiep blijven en dus pas verder weg interessant worden. Je kan er niet overheen vissen, dus de enige optie voor het vissen op deze dammen is naar het einde lopen en rondom de kop vissen. Op deze plek ontstaat een sterke en onvoorspelbare stroming door het getijde waardoor kleine vis e.d. in de problemen kunnen komen. Zeebaars weet dat en zal dit soort plekken met regelmaat bezoeken. Zorg ervoor dat het aas op diepte is vóórdat je de strekdam bereikt hebt. Dit geldt overigens voor iedere strekdam die je gaat bevissen. Gooi dus altijd stroom opwaarts om dat te bereiken. Let op! Deze dammen zijn vaak zeer moeilijk begaanbaar.

2. Een strekdam die slechts bij laag water tevoorschijn komt: Komt een strekdam tijdens het lage getijde boven water, dan betekent dit vaak het vissen op zo’n dam beperkt blijft tot rondom de kop. In onze regio is het getijdeverschil vaak niet heel erg groot wat betekent dat deze dammen met hoog water te ondiep zijn, waardoor je er niet “overheen” kan vissen. De enige manier is dan afwachten tot het laag water is, de dam op te lopen en vervolgens vooral over de kop heen te vissen. Ook hierbij probeer ik er zorg voor te dragen dat het kunstaas de bodem bereikt vóórdat het aas het verlengde van de strekdam bereikt heeft. Oftewel, het aas moet op diepte zijn vóórdat de strekdam daadwerkelijk bereikt is.

3. Een strekdam die helemaal niet tevoorschijn komt: Misschien zijn dit in deze regio wel de meest voorkomende dammen. Mijn voorkeur ligt bij dammen van dit type. Blijft de strekdam onder water, dan zoek ik het middelpunt van de dam en ga ik vervolgens van de kant af óver de dam heen vissen. De stroming zorgt er dan voor dat ik deze dam van links naar rechts en van voor tot achter kan bevissen. Normaal gesproken levert dat zeker wel een visje op.

Even in het vet gedrukt en niet onbelangrijk dus. Strekdammen kunnen levensgevaarlijk zijn. Door harde stroming en schepen die voorbij trekken kunnen situaties ontstaan die ervoor zorgen dat deze dammen plotseling volledig onder water kunnen komen staan. Weet dus waar je aan begint, en wanneer je twijfelt of het wel een goed idee is zo’n dam te betreden, DOE HET DAN NIET! Wacht nooit tot een boot voorbij is, maar loop bij twijfel ruimschoots van te voren van de dam af, kijk wat het effect is van zo’n boot die voorbij komt en ga, wanneer jij denkt dat het weer veilig is, weer terug!

Strekdammen die onder water blijven zijn topstekken voor zeebaars.
Het is laag water en de kop van de dam is maar net bereikbaar…


Randen & Naden.
Als je het meer hebt voorzien op het vissen in het havengebied gelden er andere regels. Strekdammen liggen er niet of amper en dus moet je op zoek naar andere interessante stekken. Wil je vis vangen, dan is het slim om op zoek te gaan naar oneffenheden in de kant, stroomnaden en andere stekken waar het water een andere wending moet nemen. Het mag duidelijk zijn dat dit de stekken zijn waar het speldaas of ander voedsel in de problemen komen, waardoor het voor zeebaars alleen maar aanschuiven is. Eigenlijk is het ook wel voor de hand liggend als je erover na denkt. Het klinkt misschien wat gek, maar is een hele lange rand niet vergelijkbaar met een strekdam? En dan bedoel ik meer dat zo’n rand eigenlijk een ook mooie verstopplek kan zijn voor al het kleine grut wat er leeft? Precies! Kom je dan een onderbreking tegen of een verandering van structuur, dan zou dat voor mij persoonlijk een rede zijn om dat gedeelte zeker eens uit te kammen.

Er zijn genoeg randen en onderbrekingen te vinden in de Europoort.
Een mooie Europoortbaars, gevangen dicht langs de kant nabij een onderbreking.



Ook al klinkt het allemaal logisch, het zoeken van de juiste stek op het juiste moment is gewoonweg niet gemakkelijk. Het vergt de nodige tijd en een flinke inzet om erachter te komen waar de zeebaars zich ophoudt. Ik hoop natuurlijk dat het met de zojuist gegeven tips misschien wat gemakkelijker word om die zeebaars te pakken te krijgen.