BUIKIE VOL…

Het is weer een doordeweeks avondje wanneer Paul en ik er weer eens op uit trekken. Het plannetje blijft eigenlijk een beetje hetzelfde. We beginnen de avond met het vissen op een snoekbaarsje en proberen later op de avond ons geluk op het vangen van een roofblei-tje. Het vissen op de rivier is op dit moment eigenlijk het enige plekje waar je nog enigszins verantwoord een visje kan vangen. Verantwoord vissen, dat doe je natuurlijk altijd wel, maar dat je er ook zo over na moet denken… Ik heb nog wel een stekkie voor ogen en daar gaan we het allereerst maar eens proberen. Echt zo’n stekkie waar je eigenlijk altijd wel een visje vangt. Vrijwel direct krijg ik een aanbeet op mijn shadje, waarschijnlijk een roofblei-tje die ik op datzelfde gedeelte al een keertje zag jagen. Slim visje want dat is ook écht een plek waar die vis voorbij trekt, vooral omdat het eigenlijk niet anders kan. Helaas los ik de vis en sta ik na een half uur nog steeds met lege handen en Paul ook overigens. Het water is ook eigenlijk gewoon te laag. Nog een paar worpjes en dan gaan we hier weg, en laat nog precies in die laatste worpjes nog een snoekbaarsje boven water komen… Toch hopen we dat stek twee een beter resultaat geeft. Gelukkig blijkt waar we op hopen ook daadwerkelijk te lukken wanneer ik binnen no-time een aantal baarzen en wat snoekbaars weet te vangen. Goh! Dat lijkt weer eens als vanouds goed te zijn. Paul heeft het even niet op het moment want zijn dropshotje word gewoon niet gepakt terwijl mijn shad niet met rust gelaten word. Die zag ik even niet aan komen.

Eigenlijk blijven we té lang op deze stek staan waardoor we wat verlaat aankomen op de derde en laatste stek van deze avond. We arriveren rond de schemering, hopen op activiteit van roofblei maar vooralsnog lijkt het stil. Pas in de hele late schemer, wanneer het bijna donker is komt ons stekkie tot leven. De dikke klappen rondom ons verraden de aanwezigheid van jagende rovers maar ons aasje pakken doen ze helaas niet. Logisch aan de ene kant, want er zit zóveel aasvis dat ze niet echt moeite hoeven te doen om hun buikie vol te vreten. Uiteindelijk besluit ik de roofblei te laten voor wat het is en stap over op de snoekbaars om wellicht in de dubbele cijfers te eindigen. En dat lukt! Het is werkelijk bizar dat die snoekbaarzen zo aanstaan want ook al komt het ons niet aanwaaien, als je eenmaal weet hoe je ze moet vinden dan pakken ze met volle overgave. Paul vangt gelukkig ook zijn visje en dat maakt het vissen zo veel lekkerder, dat je allebei een visje weet te vangen. Ook al is het niet helemaal eerlijk verdeeld, toch weten we samen tussen de vijftien en twintig vissen te vangen en dat is gezien de tijd van het jaar en de omstandigheden waarin we vissen eigenlijk helemaal niet slecht te noemen. Rond een uurtje of elf a half twaalf moeten we weer stoppen. Het weer was prachtig, de vangsten ook, maar de volgende dag gaat gewoon het wekkertje weer bijtijds. Deze avond was een goede, op naar de volgende maar weer.